Bosbouw


Bron: Wikipedia, Foto Jan Erftemeijer

btslogo

D


e bosbouw is het beheer van bos als natuurlijke hulpbron. Oorspronkelijk is de bosbouw gericht op bosteeltsystemen ten behoeve van de houtproductie. Maar veel traditioneel bosteeltkundig beheerde bossen zijn veel armer aan soorten en eenvormiger van structuur. De biodiversiteit is dan ook beter gediend met bossen zónder bosteeltkundig beheer (houtteelt). Tegenwoordig geldt dat een bos waar ook dode bomen in staan een levendiger bos is dan bos met alleen levende bomen, omdat op en in het dode materiaal talloze organismen leven. In bosteeltkundig beheerde bossen werden aanvankelijk veel omgewaaide en dode bomen uit het bos verwijderd (tegenwoordig blijft veel dood hout om zowel financiële redenen als voor het bereiken van natuurdoelen in het bos achter). Maar uiteraard verdwijnen er ten behoeve van de houtproductie ook levende bomen uit bosteeltkundig beheerde bossen.

Tot de jaren 70 van de vorige eeuw waren bosbouw en natuurbescherming in Nederland twee verschillende vakgebieden. Maar door de zware stormen in 1972 en 1973 kwam men tot het inzicht dat bossen natuurlijker beheerd moesten worden. Sindsdien worden de Nederlandse bossen vaak beheerd als bosecosysteem en niet als 'houtakker'. Bosbeheerders laten de natuurlijke processen hun gang gaan en proberen deze te benutten voor hun beheer. Vaak wordt gestreefd naar een zo natuurlijk mogelijke soortensamenstelling en bosstructuur. Naast houtproductie vormen tegenwoordig ook natuurbehoud, recreatie, klimaatverandering, landschapszorg, bodem- en drinkwaterbescherming en tal van maatschappelijke thema's het werkgebied van de bosbeheerder.